Kennis van de 7 gouden W’s is en blijft belangrijk

In 2011 hebben de Politieonderwijsraad en de Politieacademie een onderzoek gedaan met de titel “juridische kennis en  het proces-verbaal”. In dit onderzoek staat, gevraagd naar de reden van achterblijvende kwaliteit van het procesverbaal, op nummer één

KENNIS genoemd, in het bijzonder kennis van de ‘7 gouden w’s’, redenen van wetenschap, bestanddelen van een delictsomschrijving en kennis van bevoegdheden. Wanneer je die kennis ontbeert dan is het naar mijn mening vrijwel onmogelijk om een goed verhoorplan te maken. In ieder geval levert een proces-verbaal van verhoor dan waarschijnlijk niet meer op dan een verhaal waar de officier van justitie en de rechter zich dan door moeten worstelen om alle bewijsmateriaal dat nodig is bij elkaar te schrapen. In het rapport Juridische kennis en het proces-verbaal staan nog een aantal andere zaken benoemd door met name officieren van justitie die het lezen waar zijn. Ik zal er een paar kort aanhalen daar waar het het politieverhoor betreft:

Een Officier nam een proces-verbaal van oplichting als voorbeeld en verwoordde het aldus: “In vrijwel elk oplichtingspv staat, nota bene op ambtseed opgemaakt, de volgende zinsnede als verklaring van een aangever: ‘ik ben door een samenweefsel van verdichtsels of listige kunstgrepen bewogen om een goed ter beschikking te stellen’. Hoeveel gewone burgers gebruiken die zin? Het pv dient niet zozeer de juridische kwalificatie te bevatten, maar de feiten en omstandigheden waarop die kwalificatie kan worden gebaseerd.”

Het doorrechercheren wordt in verband gebracht met aspecten die betrekking hebben op de uitoefening van het politievak. Met name het adequaat en consistent verhoren van verdachte(n) en getuige(n) worden genoemd. “Verdachte wordt verhoord en daarna een medeverdachte en/of getuige. Vervolgens wordt de verdachte niet geconfronteerd met tegenstrijdigheden in het verhoor van medeverdachte en/of getuige.”

Uit screening van processen-verbaal blijkt dat de ‘redenen van wetenschap’ dikwijls niet dan wel onvoldoende worden aangegeven. Dit geldt zowel voor de redenen van wetenschap van de verbalisant zelf als van de door de verbalisant gehoorde getuige of aangever.

Bij het opmaken van het proces-verbaal blijkt dat kennis en een volledige en ondubbelzinnige toepassing van de ‘7 gouden W’s’ verbetering behoeft.

Hier komen de 7 gouden W’s nog een keer:

1. Wie kan in verband worden gebracht met het misdrijf?

2. Wat is er precies gebeurd?

3. Waar is het misdrijf plaatsgevonden en waar zijn sporen achtergebleven?

4. Waarmee is het misdrijf gepleegd?

5. Op welke wijze heeft het misdrijf plaatsgevonden?

6.  Wanneer heeft het misdrijf plaatsgevonden?

7. Waarom heeft het misdrijf plaatsgevonden?

Ik heb deze formulering van de 7 w’s overgenomen van Prof. Fijnaut uit zijn boek Politie, studies over haar werking en organisatie. Fijnaut plaatst bij deze 7 W’s de volgende opmerking: Als al deze verhaalelementen ingevuld kunnen worden, is het verhaal over het misdrijf van voldoende kwaliteit en kan het worden overgedragen aan het Openbaar Ministerie.”

Dat moet toch te doen zijn denk ik dan. Gewoon die 7 W’s uit je hoofd leren!

How2Ask = How2Share!Share on LinkedInShare on Google+Email this to someonePrint this page